Ask for a discount!

Language schools: Get 7% off!
LISA! Kostenlosen
Sprachreisen-
Katalog
anfordern

TEST 22: português - neerlandês
binnen - geen - geen - gisteren - juiste - kanten - mensen - morgen - pakket - retour - verkeerd - verkeerde - weer - ziekenhuis - zou -

1. a hora exacta > de tijd
2. não prejudica / (Bras.:) não vai ser por mal > dat geeft niets / dat kan kwaad
3. não tenho tempo > ik heb tijd
4. É possível tomar pequeno almoço todas as manhãs? > Kan ik iedere ontbijt krijgen?
5. para todos os lados > naar alle
6. Abra este pacote. > Opent u dit .
7. perceber mal / (Bras.:) entender errado > begrijpen
8. desde ontem > sinds gister / sinds
9. levar ao hospital > naar het brengen / vervoeren
10. milhares de pessoas > duizenden
11. ele entra no quarto > hij komt de kamer in / hij komt de kamer
12. um bilhete de regresso / (Bras.:) uma passagem de volta > een retourtje / een
13. no lado errado > aan de kant
14. Como está hoje o tempo? > Hoe is het vandaag?
15. Eu queria um bilhete para esta noite. > Ik graag een kaartje voor vanavond willen hebben.
Copyright © 1997-2008 by Goethe-Verlag GmbH * Postfach 15 20 08 * D-80051 München, Germany
All rights reserved. Fax +49-89-74790012
Please support this language project by using our link to shop at Amazon: